Haardaccessoires en stijlen

De haard is altijd een belangrijk onderdeel van het huis geweest en haardaccessoires zoals haardplaten, haardbokken en haardgereedschap horen daarbij. De haard en haardaccessoires volgen vaak de stijl van architectuur en meubels die in een bepaalde periode modieus is. De stijlen van koningshuizen gaan via adellijke kastelen over naar huizen in dorpen en steden. Tegelijkertijd zijn er bepaalde haardaccessoires die door de eeuwen heen weinig veranderd zijn. Dat zijn haardaccessoires die vooral in de landelijke gebieden voorkomen. Voorbeelden hiervan zijn het pilarenmotief op haardplaten, een aantal rustieke stijlen van haardbokken (zoals Landiers en Périgordiennes) en smeedijzeren tangen en poken. Voor deze haardaccessoires bepalen we de ouderdom op basis van kenmerken in het giet- en smeedwerk. Op de website is er daarom een aparte vermelding van stijl en ouderdom van de haardaccessoire.

Verder zijn er haardaccessoires die in de tijd van een bepaalde stijl gemaakt zijn en reproducties uit een latere periode. Overigens kunnen die reproducties behoorlijk oud zijn. Met name vanaf 1850 is er een herleving geweest van verschillende stijlen. De impact van de Franse Revolutie (vanaf 1789) in de toe te passen motieven was weer geluwd en zelfs reproducties van haardplaten met koninklijke (Bourbon) motieven werden vanaf 1850 weer volop gemaakt.

Onze haardaccessoires komen voor een groot gedeelte uit Frankrijk. Vandaar dat we de opeenvolging van stijlen in Frankrijk hebben toegepast met hier en daar een aanvulling van stijlen uit Engeland en Duitsland.

 

Gotisch (Late Middeleeuwen, Tudor) | 1100 - 1500

Kenmerkend voor deze periode is de vooral de toepassing van smeedijzer en de opkomst van de gegoten haardplaat rond 1500. Gesmede haardbokken zijn veel ouder. De eerste haardbok is in Pompeï gevonden. In de Middeleeuwen kregen haardbokken de rustieke vorm die je nu nog vaak terugziet. Ze zijn vaak voorzien van spithaken en schaaltjes op de uiteinden.

Vanaf ongeveer 1300 kregen haardbokken versieringen, zoals guirlandes, hoofden van beesten (honden en runderen), gewapende mannen, de zogenaamde ‘wilde mannen’ en wapens, vaak van de eigenaar. De haardbokken beschermen het vuur en daarmee het huis, vandaar dat ze beschermende symbolen kregen. Het Engelse woord voor bokken (firedog) is vernoemd naar de honden die het vuur en de haard beschermen.

In de Gotische stijl zijn de afbeeldingen op haardplaten voornamelijk religieus geïnspireerd. Ze hebben primitieve motieven, waaronder primitieve wapens, en religieuze symbolen.

Tudor is een specifieke gotische stijl in Engeland gedurende de eerste tijd van het Koningshuis Tudor (1500 – 1560). Het is een laat Middeleeuwse stijl die in een latere periode plaatsvond dan op het vaste land waar in 1500 de Renaissance stijl is begonnen.

 

Franse gotische haardplaat Duitse gotische haardplaat Gotische openhaardplaat Gotische Haardbok Franse gotische vuurbokken Gotische haardijzers

 

Renaissance (François I, Henry II) | 1500 - 1600

Deze stijl is gebaseerd op invloeden uit het klassieke Italië, waarbij de architectuur klassieke schema’s volgt. Motieven zijn voor het eerst geïnspireerd op scenes uit die tijd zelf of op de mythologie. Naast religieuze thema’s en wapenschilden, verbeelden haardplaten nu ook mythologische scenes. Veel voorkomende symbolen zijn slingers van bladeren van de Acanthus, cupido’s, vogelveren en Sint Jacobs schelpen. In deze periode verschenen haardplaten met daarop de salamander, symbool van François I. Uit deze periode komen ook de eerste haardplaten met wapens van de hertogen van Lotharingen.

Vanaf deze periode verschenen er haardbokken met spithaken in de vorm van Sint Jacobsschelpen.

 

Renaissance haardplaat Franse Renaissance haardplaat Renaissance kachelplaat Renaissance openhaardplaat Renaissance vuurbokken

 

Louis XIII | 1610 - 1660

Deze stijl is net als de Renaissance stijl gebaseerd op het klassieke Italië, maar heeft daarbij verschillende andere invloeden (Vlaamse, Italiaanse en Spaanse). Motieven die gebruikt werden zijn slingers met geometrische vormen, slingers van bladeren (vaak de Acanthus), fruit en bloemen en ovale vormen.

Met de opkomst van het huis van Bourbon als koningshuis van Frankrijk (vanaf 1600) verschenen ook haardplaten met de symbolen van het huis van Bourbon, zoals de Fleur de Lis. Daarnaast verbeelden haardplaten nu ook politieke gebeurtenissen zoals vrede, vredesverdragen en politieke acties door de burgerij. In Nederland verschenen de bekende pro patria haardplaten, die de vorming van de Nederlandse Republiek in 1579 verbeelden, en haardplaten die de Vrede van Munster in 1648 symboliseerden.

Tijdens deze periode werden vuurbokken voor het eerst gedecoreerde objecten, als sierstuk in de haard. Smeedijzeren bokken worden nu gecombineerd met bokken van brons en messing. Vaak werden beide materialen tegelijk gebruikt.

 

Louis XIII haardplaat Lodewijk de 13e haardbokken Louis XIII vuurbokken Louis XIII haardijzers Lodewijk XIII openhaardplaat Lodewijk 13 vuurbokken

 

Louis XIV |1650 - 1700

Deze periode staat bekend als de Gouden Eeuw van Frankrijk. Met deze stijl begint de Barok stijl in Frankrijk, die al eerder in Italië begonnen was. De Barok stijl verlaat de klassieke principes van de Renaissance stijl en de Louis XIII stijl. Kenmerkend voor de Louis XIV stijl is de absolute symmetrie en de rijke bewerkingen. De stijl is bombastisch en straalt overdaad en macht uit. De Louis XIV stijl is geïnspireerd op het oude Italië (Rome, Julius Cesar).

Louis XIV had als absolute heerser zijn eigen symbolen die, naast de symbolen van het Huis van Bourbon, veelvuldig op haardplaten werden afgebeeld: de zon (van de Zonnekoning), de Fleurs de lis, de kroon en overwinningsbladeren. Veel andere voorkomende symbolen uit deze tijd zijn guirlandes van fruit en bloemen, leeuwenhoofden en leeuwenpoten, maskers, palmbladeren, lelies, schelpen, laurierbladeren en dolfijnen.

 

Louis XIV haardplaat Lodewijk 14 vuurbokken Lodewijk 14 haardbokken Louis XIV haardbokken Lodewijk 14 openhaardplaat Louis XIV kachelplaat

 

Louis XV (Roccoco, Chippendale) | 1725 - 1775

De Louis V stijl is net als de Louis XIV stijl een Barok stijl. Het is minder bombastisch dan de Louis XIV stijl, meer verfijnd en elegant in de bewerkingen, meer romantisch, maar even overdadig. In de stijl komen romantische, uitbundige versieringen voor die vaak geïnspireerd zijn op de natuur, zoals de veelvuldige toepassing van rondingen en het gebruik van schelpen, bladeren, guirlandes, bloemen en muziekinstrumenten. De zware leeuwenpoten worden vervangen door poten van het hert. Symmetrie werd vaak vervangen door asymmetrie, dat meer aan de fantasie overlaat. In deze stijl wordt veel gebruik gemaakt van brons, ook voor haardbokken.

Naast mythologische afbeeldingen, verschijnen er in deze periode ook veel haardplaten waarop fabels van Jean de la Fontaine (1621 – 1695) zijn afgebeeld.

 

Lodewijk XV haardplaat Louis XV haardplaat Louis XV haardbokken Louis 15 haardijzers Lodewijk 15 haardplaat Lodewijk XV vuurbokken Louis XV vuurbokken Lodewijk 15 vuurbokken Lodewijk 15 haardscherm Louis XV openhaardscherm Lodewijk 15 haardplaat

 

Neoklassiek (Louis XVI, Directoire, Empire, Biedermeier, Louis-Philippe) | 1775 - 1850

De Neoklassieke stijl is een reactie op de overdaad van de Barokke stijlen. In plaats van een romantisch tijdsbesef wordt nu de ratio geëerd. Dit is een belangrijk uitvloeisel van het verlichtingsdenken (1650 – 1800) dat de zintuigelijke waarneming en het logisch denken voorop stelt. De stijl wordt gekenmerkt door het gebruik van pure elementen en symbolen uit de klassieke oudheid uit Egypte, Griekenland en het Romeinse Rijk. De stijl werd aangewakkerd door enkele belangrijke archeologische opgravingen (Pompeï en steen van Rosetta).

De Neoklassieke tijd was ook de tijd van de Franse Revolutie, die in 1789 begon. Dit had een grote invloed op de haardplaten en haardbokken. Haardplaten en bokken moesten ontdaan worden van alle feodale elementen, waarbij vooral de Fleur de Lis het moest ontgelden. Er bestaan nog veel haardplaten waarop de Fleur de Lis is afgekapt. Tegelijkertijd ontstonden nieuwe motieven, met onder meer Marianne als symbool voor de Republiek (en de ratio) en de Frygische muts als symbool voor de bevrijde slaaf. De stijl bleef Neoklassiek.

De Neoklassieke tijd was ook de tijd van dat Napoleon keizer van de Fransen was (1804 – 1814). In deze periode, de Empire periode, werd de Neoklassieke stijl imposanter en massiever. De veldslagen in Egypte versterkten de voorkeur voor motieven uit het oude Egypte. Napoleons afbeelding verscheen op haardplaten en op haardbokken. Bij haardbokken was dat vaak in de vorm van een liggend hoofd. Ook het motief van de sfinx was in deze tijd populair voor haardbokken. Deze stijl wordt hieronder uitgebreider beschreven.

In de tweede helft van de Neoklassieke tijd ontstonden de Biedermeier (1815 – 1848) en de Louis-Philippe (1830 – 1848) stijlen. Dit zijn reacties vanuit de burgerij op de zware klassieke elementen van de Neoklassieke stijl. Men wilde meer gezelligheid en vriendelijkheid. De klassieke elementen worden minder zwaar en gecombineerd met onder meer romantische toevoegingen.

 

Neoklassieke haardplaat Neoklassieke openhaardplaat Neoklassieke haardbokken Neoklassieke vuurbokken Neoklassieke kachelplaat

 

Empire | 1800 - 1815

De Empire stijl is een Neoklassieke stijl die zodanig specifieke stijlkenmerken heeft, dat we het apart benoemen. De Empire stijl is letterlijk vernoemd naar het keizerrijk van Napoleon (1804 – 1814). Napoleon won veldslag na veldslag en liet zich omringen door rijkdommen, zowel geroofd als nieuw gemaakt. De veldslagen in Egypte versterkten de voorkeur voor de grandeur van het oude Egypte. Daarnaast liet Napoleon zich inspireren door het Romeinse keizerrijk. Napoleon ontwikkelde de Empire stijl zelf. De stijl is een imposantere en massievere versie van de Neoklassieke stijl, met veel gebruik van sfinxen, palmmotieven, militaire motieven, de adelaar, de letter N, afbeeldingen van Napoleon, de gevleugelde overwinning en de laurierkrans.

Deze motieven zien we ook op haardplaten in deze stijl. Voor haardbokken was de sfinx een populair motief en het hoofd van Napoleon, vaak in de vorm van een liggend hoofd.

 

Empire haardplaat Empire kachelplaat Empire openhaardbokken Empire haardplaat Empire vuurbokken

 

Periode van een mix van neostijlen (Victorian, Gothic Revival) | 1850 - 1900

In deze periode van sociale turbulentie ontwikkelde zich niet sterk een bepaalde stijl maar ontstaan er naast de Neoklassieke stijl allerlei neo-vormen die een reactie zijn op de strenge Neoklassieke stijl. Er is Neogotiek, gebaseerd op religieus en sociaal conservatisme waarbij men vond dat de kunst en architectuur uit de Middeleeuwen authentiek en moreel juist was. Puntbogen, bloemdetails, wapenmotieven en verfijnd houtsnijwerk stonden in deze stijl centraal. Daarnaast is er de Neobarok, die teruggreep op weelderige, romantische vormen en thema’s. Samen met de Neoklassieke stijl leverde dat ook veel mengvormen op.

Centraal staat dat alle stijlvormen en mengvormen teruggrepen op het verleden. In deze periode worden veel reproducties gemaakt van oude haardplaten en haardplaten zonder een specifieke stijl. Na 1850 worden er steeds minder haardplaten gemaakt waarop de datum van het gieten van de plaat is afgedrukt.

 

Ecclectische haardplaat Ecclectische vuurbokken Ecclectische kachelplaatEcclectische haardbokken

 

Art Nouveau (Tiffany, Jugendstil, Arts and Crafts) | 1890 - 1910

Om vorm te geven aan de nieuwe industriële samenleving zochten kunstenaars een stijl die niet meer teruggreep op het verleden maar die voorkwam uit hun eigen inspiratie. Daarnaast wilden ze zich verzetten tegen de massaproductie die voortkwam uit de industriële samenleving. Het ging er niet meer om dat iedereen hetzelfde deed maar dat er individuele kunstuitingen waren. Vakmanschap was daarbij belangrijk. Centraal staan ronde vormen en motieven uit de natuur: bloemen, bomen, insecten en beesten. De kunstenaars probeerden met totaal kunst een omgeving neer te zetten waarin de mens begin1900 goed kon gedijen.

In deze periode gebruikten steeds meer mensen een kolenkachel om het huis te verwarmen in plaats van de open haard of de haardkachel die ook wel in de 19e eeuw gebruikt werd. Dit betekende dat er steeds minder haardplaten en haardbokken geproduceerd werden.

 

Art nouveau haardplaat Art nouveau vuurbokken Art Nouveau haardbokken Art nouveau openhaardbokken Art nouveau openhaardkorf Art nouveau spatscherm openhaard Art nouveau haardscherm art nouveau haardijzers Art nouveau haardkorf

 

Art Deco (Modernisme, Kubisme, Expressionisme) | 1910 - 1940

Voor de eerste Wereldoorlog ontwikkelde Art Deco zich als een reactie op de organische vormen van de Art Nouveau. Men ging weer terug naar de strengheid van het classisisme: symmetrie en de stilistische klassieke principes. Orde, kleur en geometrie zijn belangrijke elementen. Daarbinnen omvat Art Deco verschillende stromingen met eigen invloeden, zoals Oosterse, Gotische of romantische invloeden. Elke stroming heeft eigen architectuur en meubilair.

Als er haarden in Art Deco huizen werden gebouwd dan was de haardplaat vaak een integraal onderdeel van de haard, zoals te zien is in onderstaande foto. Er zijn meer Art Deco haardbokken in omloop. In deze tijd werden er zowel traditioneel gemaakte producten voor de elite gemaakt als industriële producten voor de massa. Hetzelfde gold -- toen en nu nog steeds -- voor de haardplaat en de haardbokken.

 

Art deco haardscherm